Autokosten > Woon-werkverkeer: Hoe ver reikt de bewijslast?
Een vrouw die in het Gentse woonde, reed elke dag naar haar werk in Brussel. Niet met haar eigen wagen, wel afwisselend met één van de auto’s die haar vader ter beschikking stelde van zijn kinderen. Voor deze terbeschikkingstelling zou ze haar vader een symbolische vergoeding betalen.
Het gebruik van de verschillende auto’s levert echter bewijsproblemen op voor de aftrek
van de werkelijke beroepskosten. Zo kan ze geen precieze kilometerstanden opgeven van bij het begin en het einde van het jaar – de vrouw ging enkel naar de garage wanneer het onderhoudsboekje het vereiste –, bijgevolg kan op basis van de onderhoudsfacturen van de wagens de kilometerstand op jaarbasis enkel bij benadering worden afgeleid. Daarnaast kan ze evenmin bewijzen op welke dag zij zich met welke wagen verplaatste. Ze begroot het aantal afgelegde kilometers aan woon-werkverkeer op 35.478 km, zijnde 219 gewerkte dagen x 81 km (afstand woon-werk) x 2 (heen en terug). Bij gebrek aan bewijs van deze kosten weigert de administratie er echter rekening mee te houden.
Photo credit by: <Blogspot ABVV>